Juridische Werkgroep: Vlaams Decreet Renovatieverplichtingen niet-residentiële gebouwen

Tijdens de vakantieperiode worden soms wetteksten gepubliceerd waarvan de draagwijdte de lengte van de erin vervatte bepalingen overschrijdt, en dit met een aandacht van de media die niet altijd in evenredigheid is met de inzet. Dit is het geval met het besluit van de Vlaamse regering van 9 juli 2021, dat op 10 augustus in het Belgisch Staatsblad is gepubliceerd als onderdeel van het Vlaamse Energie- en Klimaatbeleidsplan.

Dit besluit wijzigt het zogenaamde “Energiebesluit” van het Vlaamse Gewest van 19 november 2010 in die zin dat vanaf 1 januari 2022 iedere koper van een “niet-residentieel gebouw” zoals een retailgebouw (of de verkrijger van een zakelijk recht zoals erfpacht of een recht van opstal), binnen 5 jaar na de verwerving de nodige renovatie moet uitvoeren om te voldoen aan de volgende vier energiebesparende maatregelen:

  • installatie van een dakisolatie (indien de dakisolatie niet voldoet aan de minimale R-waarde van 0,75 m²K/W, moet een isolatie met een maximale U-waarde van 0,24 W/m²K worden geplaatst);
  • plaatsing van hoogrendementsbeglazing (alle enkele beglazing moet worden vervangen door beglazing met een U-waarde van maximaal 1 W/m²K);
  • vervanging van warmte-opwekkers die ouder zijn dan 15 jaar (tenzij zij nog aan de minimumeisen voldoen); en
  • vervanging van koelinstallaties ouder dan 15 jaar waarin koelmiddelen worden gebruikt die ozonlaagafbrekende stoffen bevatten of koelmiddelen met een GWP-waarde van minstens 2500.

Dit maatregelenpakket vormt trouwens enkel de basis van de renovatieverplichting. Naast de bovenvermelde maatregelen moet elke nieuwe eigenaar (of houder van een erfpachtrecht of opstalrecht) van:

  • een niet-residentieel gebouw van maximum 500 m² vanaf 1 januari 2022 en binnen de vijf jaar na de overdracht, aanvullend op het minimaal maatregelenpakket, ook een energielabel “C” of beter moeten behalen;
  • een niet-residentieel gebouw groter dan 500 m² vanaf 1 januari 2023 en binnen vijf jaar na de overdracht, aanvullend op het minimaal maatregelenpakket, ook aantonen dat het gebouw over een minimaal aandeel hernieuwbare energie van 5% beschikt.

In tegenstelling tot de bestaande wetgeving in de verschillende Belgische deelstaten, voorziet deze nieuwe Vlaamse regelgeving niet langer alleen in een informatieplicht vanwege de verkoper, maar voortaan ook in een verbouwingsplicht in hoofde van de koper. Het gaat hier dus om een paradigmaverschuiving van de Vlaamse wetgever, die zich hiermee de middelen verschaft om de gewestelijke “koolstofneutrale” doelstellingen op lange termijn te realiseren.

Voor de leden van de BLSC is het duidelijk dat deze nieuwe regelgeving de komende jaren een impact zal hebben op de aanpak van de onderhandelingen over de verkoop van bestaande handelspanden in Vlaanderen. Het valt ook te verwachten dat andere gewesten het Vlaamse voorbeeld zullen volgen en soortgelijke regelgeving zullen opleggen om hun eigen klimaatdoelstellingen te bereiken.

Een ad hoc commissie van BLSC / BVS zal binnenkort over dit onderwerp bijeenkomen om te trachten de openstaande vragen op te helderen. Wordt vervolgd…

Nicolas Rosiers

Voorzitter Juridische Werkgroep

Overige nieuwsberichten